Hoe kunnen we je helpen?

hoofdmenu
Bezig met laden Zoeken
Geen resultaten
    WF KH 2019.4

    Huiseigenaar wil flexibiliteit bij inzetten overwaarde

    De eigen woning is gemiddeld genomen het grootste bezit van Nederlanders. Daar staat de hypotheek tegenover als grootste schuld. Het doorsnee vermogen van huishoudens neemt toe naarmate de leeftijd vordert. Reden is de hypotheek, die grotendeels of volledig is afgelost. Het vermogen zit vaak vast in stenen, terwijl huiseigenaren juist behoefte hebben aan extra financiële ruimte. Opvallend is dat deze behoefte al ruim voor het bereiken van de pensioenleeftijd ontstaat.

    Woningbezit stuwt vermogen huishoudens

    Het doorsnee vermogen van huishoudens bedraagt 28,3 duizend euro, zo blijkt uit de meest recente meting van het CBS. Dit vermogen bestaat voor gemiddeld 57,6% uit het bezit van de woning. Starters op de woningmarkt hebben tegenover dit bezit een relatief hoge hypotheekschuld. Daarnaast hebben ze nog niet kunnen profiteren van een eventuele waardestijging van de woning. Kijken we naar 65-plushuishoudens liggen de verhoudingen anders. Deze groep heeft gemiddeld 113 duizend euro meer bezittingen dan schulden.

    Huisje met geld achtergrond

    Ruim voor pensioenleeftijd al behoefte aan benutten overwaarde

    Huiseigenaren met de nodige overwaarde rekenen zich op papier rijk. Het geld zit wel vast in stenen en is niet direct vrij beschikbaar. De interesse in het omzetten van overwaarde in besteedbaar kapitaal ontstaat al vroeg. In de leeftijdscategorie van 25 t/m 49 jaar geeft 30% aan interesse te hebben. In de categorie van 50 t/m 59 jaar ligt dit percentage op 26%. Het zijn dan ook niet per definitie senioren die behoefte hebben aan het verzilveren van overwaarde. Onder de 65 plussers is de animo met 16% minder groot, dit terwijl deze groep vaak wel relatief veel overwaarde heeft. 

    WF KH 2019.7

    Overwaarde om kinderen te helpen

    In een poll onderzocht Woonfonds hoe consumenten hun overwaarde zouden willen gebruiken. Tegelijk vroegen we aan adviseurs naar de gewenste besteding onder hun klanten. De tussentijdse uitkomst brengt een verschil van inzicht aan de dag. Vooral het doel ‘buffer voor onverwachte uitgaven’ levert een afwijkend resultaat op. Adviseurs geven aan dat klanten hier nauwelijks (1,7%) overwaarde voor willen inzetten. Vanuit de consumenten is de interesse in een buffer met 17,8% veel groter. Een ander opvallend verschil is onderhoud en verduurzaming van de woning. Consumenten geven dit met 13,2% minder op als doel dan het door adviseurs aangenomen percentage van 20,7%.

    Los van het verschil in inzicht is een aanvulling van het inkomen de populairste besteding van overwaarde. Op de tweede plek volgt dan ook het financieel ondersteunen van kinderen. Het laatste is niet verwonderlijk. Studeren kost veel geld. Daarnaast hebben veel starters in de huidige woningmarkt de hulp van pa en ma hard nodig. Weer andere woningbezitters hebben vooral consumptieve doelen voor ogen, zoals de aanschaf van een auto of de verre vakantie die al een tijd op het verlanglijstje staat. 

    Flexibiliteit en eigen regie belangrijk bij inzetten overwaarde

    De voorkeuren van klanten maken duidelijk dat flexibiliteit en eigen regie belangrijke punten zijn bij het inzetten van overwaarde. De klant wil over een besteedbaar bedrag kunnen beschikken op het moment dat het in zijn of haar situatie relevant is. Bij het verbouwen van de woning is het moment concreter dan bij een buffer voor onvoorziene zaken. Belangrijk is ook het moment waarop de klant te maken krijgt met rentelasten bij het benutten van overwaarde. Bij voorkeur is dat pas wanneer de extra aanvullende financiële ruimte ook daadwerkelijk nodig is. 

    Woonfonds onderstreept het belang van passende producten die huiseigenaren in staat stellen om op flexibele wijze overwaarde te verzilveren zonder de noodzaak te verhuizen. Wordt vervolgd…

    Download bevestigen

    Met deze download gaat u akkoord met de Privacy Statement van Woonfonds.